In vuur en vlam voor LNG: een schone en veilige transportbrandstof

11-12-2015

Interview met Bas van den Beemt, business development manager Oil & Gas bij TNO over Het LNG-veiligheidsprogramma, dat in 2014 als TKI-project gestart is. 

Met welk project ben je bezig?

"Het LNG-veiligheidsprogramma, dat in 2014 als TKI-project gestart is, heeft als doel ontbrekende kennis te verwerven voor de ontwikkeling van een veilige LNG-tankinfrastructuur. Verschillende veiligheidsvragen zijn nu in de praktijk getest, zoals: 'Hoe gedraagt een LNG-tank zich bij brand?' of 'Wat gebeurt er met een LNG-slang als er een truck overheen rijdt?' De resultaten van deze testen dragen bij aan verbeterde wet- en regelgeving."

Bas van den Beemt, business development manager Oil & Gas bij TNO, vertelt: "De complexe materie van het veilige gebruik van LNG leidde tot veel overleg, maar nooit kwam het in de praktijk tot testen. Door alle partijen nu ook te betrekken bij de uitvoering van praktische veiligheidstests komt er schot in."

Hoe werkt het?

"LNG (Liquefied Natural Gas) is een interessante, alternatieve brandstof voor vrachtverkeer en scheepvaart, omdat het veel minder vervuilende stoffen uitstoot. Bovendien worden motoren er stiller van, waardoor de overlast voor de omgeving afneemt. Tot nu toe werd LNG voornamelijk gebruikt om op een efficiënte manier aardgas tussen continenten te transporteren. Door het gas ook vloeibaar te houden in de brandstoftanks van vrachtwagens en schepen wordt de afstand die af te leggen is met een volle tank flink vergroot en de toepassing als schonere transportbrandstof haalbaar. Bij een dergelijke publieke toepassing worden er hogere eisen gesteld aan bijvoorbeeld brandveiligheid; de beslotenheid van een industrieterrein wordt dan immers vervangen door de openbare ruimte. Voor deze toepassing van LNG was niet veel informatie voorhanden."

Hoe heb je dit project vorm gegeven?

"Er is een unieke samenwerking ontstaan tussen publieke en private partijen die allemaal belang hebben bij dit programma en dus ook allemaal mee wilden denken en doen. De coördinatie is in handen van NEN en TNO. Daarnaast behandelt het RIVM de vragen die voor het Ministerie van Infrastructuur en Milieu van belang zijn voor het opstellen van wet- en regelgeving. Bovendien zijn ook de veiligheidsdiensten zoals de brandweer nauw betrokken. Uiteindelijk moet het project ertoe leiden dat de private investeerders - vertegenwoordigd door het Nationaal LNG Platform - makkelijker vergunningen voor tankstations ontvangen. Deze laatste partij zorgt dan ook samen met TKI Gas voor de financiering van het programma. We hebben ons natuurlijk afgevraagd wat we eigenlijk exact wisten en dat resulteerde in bijna 200 aandachtspunten! Die punten los je niet op door erover te blijven praten, dus hebben we de mouwen echt opgestroopt en zijn op verschillende TNO-testlocaties en ook in Duitsland gaan testen: inderdaad gewoon eens met een truck over een LNG-slang heen rijden of een tank in brand steken. En dan nauwkeurig meten en met die resultaten modellen valideren die goed kunnen voorspellen wat er gebeurt als er iets misgaat. Van zo'n resultaat - in gezamenlijkheid geproduceerd - wordt de gehele keten wijzer. Zo kunnen bijvoorbeeld tankstations veiliger ontworpen worden en weet de brandweer wat er moet gebeuren als er echt iets mis gaat: ja, zo kom je pas echt stappen verder. Het pragmatische, het samen doen is nieuw. "

Wat is je drive?

"Het opzetten van een publiek private samenwerking met een dergelijk technisch onderwerp past perfect bij mijn opleidingen Milieutechnologie en Techniek en Maatschappij in Eindhoven. Het starten en onderhouden van een projectgroep met technici en beleidsmakers is een enorme uitdaging. Omdat er aanvankelijk meer vragen zijn dan er met het beschikbare budget opgelost kunnen worden, blijft elk besluit een compromis tussen inhoud en geld en... een race tegen de klok! Mijn rol is weliswaar beperkt tot het opzetten van de samenwerking, maar toch blijf je, door de uiteenlopende belangen, de hele tijd nauw bij het project betrokken. We zijn op de goede weg als het resultaat wordt gedragen door alle partijen. Als TNO’er weet je dat de uiteenlopende belangen van bedrijfsleven en overheid ervoor zorgen dat uitkomsten wel eens verschillend geïnterpreteerd worden. Het is dan van belang om met een goede onderbouwing te komen. Als dat lukt, wordt er nooit echt een feestje gegeven, maar je wordt er wel gelukkig van!"

Hoe gaat dit project nu verder?

"We hebben tot het eind van 2015 gekregen voor de uitvoering van de testen; daarna vindt nog de eindrapportage plaats. Bedrijven en gemeenten kunnen al aan de slag met het interim-beleid. Dit biedt voldoende basis voor een soepele vergunningverlening. Na afloop van het programma is het van belang dat instanties zoals het RIVM de resultaten aanvaarden en implementeren. Dat is nog niet eenvoudig: je kunt voor LNG niet zomaar apart beleid ontwikkelen. Alles moet binnen de kaders van bestaande en Europese wetgeving passen. Op de langere termijn zal het programma ook tot een veiliger ontwerp van tankstations leiden. Zo hebben de cryogene tanktests, die nooit eerder uitgevoerd waren, inzichten gegeven die nog vele jaren een bron van informatie zullen zijn voor productontwikkeling."

Heb je nog een boodschap?

"De TKI-financiering heeft ertoe bijgedragen dat partijen niet alleen mee wilden praten, maar dat er ook daadwerkelijk proeven uitgevoerd zijn: een financieel commitment voor een langere periode waarbinnen de partijen gezamenlijk de koers bepaalden en het budget konden besteden. Echte ruimte dus om de handen uit de mouwen te steken. Daarmee heeft TNO een unieke rol kunnen vervullen in het wegnemen van een barrière voor de ontwikkeling van LNG als schonere brandstof. Er is nieuwe kennis verworven voor zowel het oplossen van een probleem op korte termijn, als voor productontwikkeling op lange termijn. Een mooi concept!"